Terug naar hoofdinhoud

Ondernemers kunnen ook in 2026 SDE++-subsidie aanvragen

Ondernemers kunnen ook in 2026 subsidie aanvragen voor de regeling Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++) bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Eerder was er twijfel of het kabinet daar wel geld voor kon vrijmaken. Met de subsidie kunnen bedrijven investeren in installaties en technieken die duurzame energie opwekken of de CO2-uitstoot verminderen. 

Voor de ronde van 2026 is voorlopig € 8 miljard beschikbaar. Dit staat in een kamerbrief van 6 juni over de SDE++. De subsidie blijft daarmee een belangrijke steun voor de overgang naar duurzame energie (energietransitie) in Nederland. 

Niet overhaast indienen

Omdat er eerst onzekerheid was over een vervolg van de SDE++-subsidie in 2026, willen sommige ondernemers misschien haast maken met een aanvraag dit jaar. RVO drukt ondernemers op het hart dat zij beter volgend jaar pas kunnen aanvragen als de voorbereiding van hun project nog niet klaar is. Aanvragen die niet compleet zijn, wijst RVO af.

Veranderingen vanaf 2025

De SDE++-subsidie wordt elk jaar aangepast. Ook vanaf 2025 zijn er enkele wijzigingen. Zo hebben ondernemers voor de meeste installaties en technieken geen vergunning voor een technische bouwactiviteit meer nodig bij de subsidieaanvraag. Deze vergunning is onderdeel van de omgevingsvergunning en gaat bijvoorbeeld over de stevigheid en veiligheid van een gebouw. Nu ondernemers deze vergunning voor de subsidie niet meer hoeven aan te vragen, scheelt dat tijd en kunnen ze projecten sneller starten. Alleen voor windenergieprojecten en bij zonnepanelen op daken blijft deze vergunning verplicht.

CO2-opslag in het buitenland toegestaan

Bedrijven mogen vanaf 2025 ook subsidie aanvragen als zij hun CO2 opslaan in andere landen binnen de EU en in IJsland, Noorwegen en Liechtenstein. De CO2-vermindering blijft wel meetellen voor Nederland. De opslag moet voldoen aan dezelfde technische eisen als in ons land.

Haalbaarheidsstudie verplicht bij kleine zon-PV-projecten

Voor aanvragen voor zonne-energieprojecten met een vermogen kleiner dan 1 megawatt (MW) moeten bedrijven voortaan ook een haalbaarheidsstudie meesturen. Hiermee laten zij zien dat hun plan technisch en financieel haalbaar is. Dit helpt om slechte of onrealistische plannen te voorkomen.

Extra bijlage voor warmteprojecten

Bedrijven die subsidie aanvragen voor warmteprojecten moeten een extra bijlage meesturen. Dit geldt bijvoorbeeld voor warmtenetten. Als zij de warmte verkopen aan een ander bedrijf, dan is een verklaring van dat bedrijf als afnemer nodig. Met dit extra document kan RVO beter beoordelen of het project echt uitvoerbaar is.

Elektriciteitsprijs per kwartier

RVO hanteert voor installaties die duurzame elektriciteit opwekken, vanaf oktober 2025 kwartierprijzen in plaats van uurprijzen. Dit sluit aan bij de manier waarop de Europese elektriciteitsbeurs EPEX de marktprijzen voor elektriciteit vaststelt. RVO gebruikt de kwartierprijzen om periodes met negatieve elektriciteitsprijzen vast te stellen. RVO verrekent deze in de correctiebedragen van de subsidie. Hoe vaker negatieve elektriciteitsprijzen voorkomen, hoe minder subsidie ondernemers krijgen. Op de website van RVO is hierover binnenkort meer informatie te vinden.

Minder subsidie bij opbrengsten groen gas

Ondernemers die subsidie krijgen voor een project met groen gas uit een aanvraagronde van 2023 of later, moeten rekening houden met een korting op hun subsidie. Vanaf 2025 rekent RVO de waarde van Garanties van Oorsprong (GvO) voor groen gas mee in het correctiebedrag van de subsidie. GvO’s tonen aan dat het gas duurzaam is geproduceerd. Deze certificaten zijn verhandelbaar en dus geld waard. Deze wijziging is al aangekondigd in een kamerbrief van 17 februari 2023.

SDE++ gaat in oktober open

Dit jaar kunnen ondernemers hun aanvragen indienen van 7 oktober tot en met 6 november. Ook in 2025 is er € 8 miljard beschikbaar.

Lees meer …Ondernemers kunnen ook in 2026 SDE++-subsidie aanvragen

  • Raadplegingen: 25

Ziekteverzuim neemt toe in eerste kwartaal 2025

In het eerste kwartaal van 2025 was het ziekteverzuim van werknemers 5,8 procent. Dit is hoger dan een jaar eerder. Griep, verkoudheid en andere virusinfecties zijn de meest genoemde redenen van ziekteverzuim onder werknemers. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.

Omdat het ziekteverzuim een seizoeneffect kent (’s winters wordt er meer verzuimd dan in de zomer), worden cijfers niet vergeleken met opeenvolgende kwartalen, maar met dezelfde kwartalen in voorgaande jaren. Een ziekteverzuim van 5,8 procent betekent dat van de 1 000 te werken dagen 58 werden verzuimd wegens ziekte.

Minste verzuim in de horeca

In het eerste kwartaal van 2025 nam het ziekteverzuim in vrijwel alle bedrijfstakken toe, maar er zijn uitzonderingen. In de bedrijfstak cultuur, sport en recreatie (4,6 procent) lag het ziekteverzuim 0,3 procentpunt lager. In de horeca (3,4 procent) en de landbouw (3,5 procent) nam het verzuim met 0,1 procentpunt af ten opzichte van een jaar eerder.

Het verzuim door ziekte was in de horeca met 3,4 procent het laagst. De horeca had lange tijd het laagste verzuimpercentage, maar in de coronaperiode (van 2020 tot en met het eerste kwartaal van 2022) nam het ziekteverzuim snel toe. Sindsdien daalt het ziekteverzuim weer.

Verzuim opnieuw het hoogst in zorg en welzijn

In het eerste kwartaal van 2025 lag het verzuimpercentage met 8,1 procent opnieuw het hoogst in de bedrijfstak gezondheidszorg en welzijn. Daarmee steeg het verzuim ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder (7,8 procent).

De branche verpleging, verzorging en thuiszorg had, net als in de afgelopen jaren, het hoogste verzuim: 9,7 procent. De grootste stijging was in de geestelijke gezondheidszorg en in overige zorg en welzijn. Sociaal werk is de enige branche binnen de bedrijfstak waar het ziekteverzuim lager lag dan in dezelfde periode vorig jaar.

Griep en verkoudheid vaakst genoemd als reden voor verzuim

In 2024 waren griep, verkoudheid en andere virusinfecties de meest genoemde redenen van ziekteverzuim onder werknemers (56 procent). Ook psychische klachten, overspannenheid en burn-out worden vaak genoemd (8 procent). Daarnaast komen buikklachten en hoofdpijn relatief vaak voor als verzuimreden, beide bij 5 procent van de werknemers met verzuim. Dit blijkt uit de jaarlijkse Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van het CBS en TNO. In deze enquête wordt onder meer onderzocht welke klachten een rol spelen bij ziekteverzuim en hoe ziekteverzuim samenhangt met werk.

Hoogste aandeel werkgerelateerd verzuim in onderwijs en zorg

Van de werknemers die in 2024 verzuimden, gaf 22 procent aan dat hun afwezigheid geheel of gedeeltelijk het gevolg was van werk – dat is vrijwel gelijk aan het percentage in 2023. De belangrijkste oorzaken van werkgerelateerd verzuim waren volgens werknemers een hoge werkdruk (27 procent), besmetting op de werkvloer (15 procent) en fysiek zwaar werk (12 procent).

In 2024 had het ziekteverzuim in het onderwijs (28 procent) en in de gezondheids- en welzijnszorg (27 procent) het vaakst te maken met het werk. In de financiële dienstverlening (16 procent), informatie en communicatie (18 procent) en horeca (ook 18 procent) lag dit aandeel beduidend lager.

Bron: cbs.nl

Lees meer …Ziekteverzuim neemt toe in eerste kwartaal 2025

  • Raadplegingen: 10

Nieuwe subsidie voor samenwerking in wegtransport

Er komt een nieuwe subsidieregeling die samenwerking tussen ondernemers in het wegtransport aanmoedigt. Samenwerking tussen ondernemers maakt vervoer efficiënter en het bespaart het aantal kilometers dat vrachtwagens rijden. Dit betekent minder CO2-uitstoot. Wilt u meedenken over deze subsidieregeling? Geef dan tot en met 29 juni uw mening in de internetconsultatie. 

Plan voor minder vrachtwagenkilometers

Met de subsidie krijgen ondernemers geld om een plan uit te voeren. Daarin staat hoe zij minder vrachtwagenkilometers rijden door samen te werken in de logistieke keten. Dit helpt de Klimaatafspraken te bereiken. Samenwerken in de wegtransport kost geld en de opbrengst is onzeker. Deze subsidie verkleint dit risico. De Rijkdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) gaat de Subsidieregeling Samenwerking in Logistieke Keten (SiLK) uitvoeren voor het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. 

Wat vindt u van SiLK?

Tot en met 29 juni kunt u reageren op dit voorstel voor de subsidieregeling. Via deze internetconsultatie geeft u uw mening op alle delen van de subsidie, zoals over deze punten:

  • Vindt u de subsidie duidelijk en simpel genoeg? Zo niet, hoe kan het beter?
  • Vindt u het duidelijk hoe u de subsidie aanvraagt en is dat eenvoudig genoeg? Zo niet, hoe kan dit beter?
  • Als u leest over deze subsidie, zou u deze subsidie wel of niet aanvragen? En waarom?
  • Als u de subsidie leest, denkt u dat deze subsidie helpt om het aantal gereden kilometers te verlagen? En zo niet, waarom niet?

Lees meer over de Subsidieregeling Samenwerking in Logistieke Keten (SiLK) en geef uw mening.

Naar de Internetconsultatie

Lees meer …Nieuwe subsidie voor samenwerking in wegtransport

  • Raadplegingen: 28

Stand van de Uitvoering sociale zekerheid naar de Kamer

Wet- en regelgeving op het gebied van sociale zekerheid moet eenvoudiger worden. Het stelsel moet voor mensen makkelijker te begrijpen zijn en de druk op uitvoeringsinstanties moet omlaag. Dat schrijven minister Eddy van Hijum (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) en staatssecretaris Jurgen Nobel (staatssecretaris Participatie en Integratie) in de Stand van de Uitvoering die vandaag aan de Tweede Kamer is gestuurd.

Stand van de uitvoering en knelpuntenbrieven

Met de Stand van de Uitvoering wordt de Kamer iedere zes maanden geïnformeerd over de ontwikkelingen in de uitvoering van sociale zekerheid. Ook maken uitvoeringsorganisaties UWV, SVB en LCR elk jaar in hun zogeheten knelpuntenbrieven zichtbaar wat hun ambities zijn en wanneer wetten en regels de mensen voor wie ze bedoeld zijn niet meer helpen, bijvoorbeeld omdat ze te ingewikkeld zijn.

UWV

Het UWV is samen met het ministerie hard aan de slag de fouten in de WIA-uitkering te herstellen, de processen aan te passen en op korte termijn de oplopende achterstanden bij WIA-beoordelingen te beperken, onder meer door het herinvoeren van de 60-plusmaatregel. De Stand van de uitvoering bevat ook een actueel overzicht van lopende en nieuwe herstelacties naar aanleiding van fouten in de uitvoering. In de Stand worden aan de Kamer vijf nieuwe herstelacties bij het UWV gemeld.

Inkomstenkorting Ziektewet en Wazo

Een fout die UWV recent heeft ontdekt gaat over de Ziektewetuitkeringen (ZW-uitkeringen) en Wet arbeid en zorg-uitkeringen (Wazo-uitkeringen). Vanaf 2016 is bij een deel van de Ziektewetuitkeringen (ZW-uitkeringen) de inkomstenkorting niet (volledig) uitgevoerd bij de bepaling van de hoogte van de uitkering. Uitkeringsgerechtigden en werkgevers hebben inkomsten doorgegeven, maar UWV heeft deze inkomsten in een deel van de gevallen niet op de uitkering gekort. In een ander deel heeft UWV deze doorgegeven inkomsten wel gekort op de uitkering, maar heeft er geen definitieve vaststelling van de uitkering plaatsgevonden. Het gevolg kan zijn dat er te veel of te weinig uitkering is verstrekt. De fout heeft betrekking op een in potentie aanzienlijk aantal lopende en gesloten uitkeringen. Daarnaast heeft UWV geconstateerd dat bij ongeveer 3.000 Wazo-uitkeringen ten onrechte inkomsten zijn gekort. Met UWV beziet het ministerie momenteel de gevolgen voor deze uitkeringen en de reikwijdte van een mogelijke herstelactie. Zodra er meer duidelijkheid is wordt de Kamer hierover geïnformeerd.

SVB

De SVB vraagt aandacht voor alle verschillende leefvormen binnen de AOW. Er zijn 21 verschillende manieren waarop mensen kunnen leven volgens de AOW-regels, maar deze sluiten niet goed aan bij hoe mensen echt leven. Het resultaat van een AOW-beoordeling is daardoor vaak niet duidelijk voor mensen. Het uitvoeren van deze beoordelingen is ingewikkeld en kan ook een bezoek aan huis vereisen, wat als ingrijpend wordt ervaren. De SVB wil daarom de AOW-regels verder vereenvoudigen. Het ministerie is samen met de SVB bezig met een verkenning hierover, binnenkort volgt hierover een Kamerbrief.

Vereenvoudiging inkomensondersteuning

Het kabinet wil de bestaanszekerheid van mensen vergroten. Dit kan alleen als het stelsel van inkomensondersteuning goed en effectief werkt. Vereenvoudiging bij de uitvoeringsorganisaties speelt daarbij een belangrijke rol. Zoals de problemen van alleenverdieners om een bestaansminimum te realiseren als gevolg van een complex stelsel, genoemd in de LCR-knelpuntenbrief. Een opgelost knelpunt bij de SVB is de vereenvoudiging van de dubbele kinderbijslag. Per 1 juli 2024 ontvangen ouders van kinderen met een Wlz-indicatie de dubbele kinderbijslag automatisch. Met het UWV werkt het ministerie aan het verlengen van de aanvraagperiode van een WW-uitkering. De oorspronkelijke termijn van één week leidt tot onwenselijke situaties voor zowel mensen als uitvoerders.

Lees meer …Stand van de Uitvoering sociale zekerheid naar de Kamer

  • Raadplegingen: 6

Btw-tarief op cultuur, sport en media blijft 9%

Het btw-tarief op cultuur, sport en media blijft 9%. De verhoging van dit btw-tarief, die was voorgesteld in het Belastingplan 2025, gaat niet door.

In het Belastingplan 2025 stond dat het btw-tarief op cultuur, sport en media met ingang van 1 januari 2026 omhoog zou gaan van 9% naar 21%.

Op verzoek van de Tweede Kamer is onderzoek gedaan naar alternatieve maatregelen voor deze btw-verhoging. Dit onderzoek is nu afgerond en er is een alternatief gevonden.

Voor de sectoren cultuur, sport en media betekent dit dat de btw-verhoging niet doorgaat.

Daarnaast wordt de eerder afgesproken overgangsregeling uitgesteld. Dat betekent dat het btw-tarief van 9% blijft gelden. Ook als het gaat om vouchers voor enkelvoudig gebruik en betalingen die na 30 juni 2025 worden gedaan, voor prestaties in 2026.

Lees meer …Btw-tarief op cultuur, sport en media blijft 9%

  • Raadplegingen: 10